Vroeger was alles beter. Toch? De nostalgie is wijd verbreid, maar terecht?

VROEGER WAS ALLES BETER – OF NIET?

Na bijna 10 jaar economische neergang is de nostalgie wijd verbreid. Het populisme van Wilders c.s. geeft dat een luide stem. Vroeger was alles beter, toch?

 

De babyboomers hadden alles mee

De wereld van de jaren `60 en `70 waarin ik (geboren 1954, het staartje van de babyboomers) opgroeide was veilig, voorspelbaar en zeer overzichtelijk: elke Nederlander zat netjes ingekapseld in zijn zuil, onze ouders werkten ijverig en vastberaden aan de naoorlogse wederopbouw van Nederland. Het geloof in vooruitgang, groei, ontwikkeling – zowel op persoonlijk als op institutioneel vlak – was algemeen. Dat alles beter zou worden stond vast. De weg naar die betere wereld, en ook de doelen zelf, werden in de revolutie van de jaren zestig opnieuw gedefinieerd – maar beter, vrediger, eerlijker, welvarender: dat zou het zonder enige twijfel worden. De wereld was maakbaar, onderworpen aan de onstuitbare kracht van het menselijk vernuft en dadendrang.

…het geloof in vooruitgang, groei, ontwikkeling – zowel op persoonlijk als op
institutioneel vlak – was algemeen. Dat alles beter zou worden stond vast…

Geborgenheid als kind, vrijheid en avontuur als adolescent

Heerlijk was het om als kind in die wereld op te groeien. Een geborgen wereld, waar de vaders werkten (en dankzij de loongolven van begin jaren `60, steeds meer gingen verdienen), de moeders met een kopje thee thuis waren als je uit school kwam, de schoolmeester, de agent en de burgemeester vanzelfsprekend gezag hadden, de structuren en de regels duidelijk waren. Als puber en adolescent werd je daarna aangemoedigd om de wijde wereld in te gaan. Je kon en mocht je volop ontwikkelen: leren en kennis vergaren in de zekerheid dat die wereld op je zat te wachten, en na 1968, experimenteren omdat vrijheid blijheid was, en alles moest kunnen.
Wat een voorrecht om enerzijds te kunnen profiteren van alle structuren en zekerheid van de wereld boven je, maar anderzijds de knellende aspecten daarvan net te zien verdwijnen omdat de tijdgeest draait, nét op tijd voor jou: “wat vroeger wet was is nu bij de wet verboden” zoals Boudewijn de Groot, de heraut van onze generatie, zingt.

…de gelijkheid en transparantie waarvoor wij 40 jaar geleden vochten is nu door het internet op wel heel spectaculaire wijze tot stand gebracht…

De door de babyboomers gecreëerde maatschappij: geïndividualiseerd, vrij en welvarend

Zonder twijfel zijn er een aantal aspecten van de huidige tijd die voor mijn verwende generatie, gewend als zij is om het naar de zin te hebben c.q. het zichzelf naar de zin te maken, aantrekkelijk zijn: de nog verder gaande individualisering, het internet dat de wereld alsmaar toegankelijker en gemakkelijker maakt, de welvaart. De gelijkheid en transparantie waarvoor wij 40 jaar geleden vochten is nu door het internet op wel heel spectaculaire wijze tot stand gebracht.
De jonge mensen van nu groeien op in die door ons gecreëerde, volstrekt geïndividualiseerde, vrije en welvarende maatschappij. Dat is vanzelfsprekend heerlijk: al die computerspelletjes, al die mooie vakanties, de vrijheid om zelf je vakkenpakket, je vrienden, je studie, te kiezen: wat zouden wij die niet graag gehad hebben!

De oplossingen van deze generatie werken niet meer

Anderzijds is je vader en/of moeder misschien werkeloos, zijn je ouders misschien gescheiden, is je school groot en onpersoonlijk, kun je `s avonds niet veilig over straat fietsen.
De structuur en geborgenheid die voor je ouders zo vanzelfsprekend waren zijn nu ondenkbaar en onbereikbaar. Je leeft in het besef dat je, wanneer je groot wordt, te maken krijgt met de vraagstukken die de generatie van je ouders niet heeft opgelost.
Honger en oorlog zijn ondanks de vrome wensen en hoge idealen van de vorige generatie de wereld niet uit. De overbevolking, de onevenwichtige welvaartsverdeling in de wereld, de uitputting van de aarde, de klimaatverandering: het zijn voorlopig onoverkomelijke problemen. In Nederland heeft immigratie geleid tot een door niemand voorziene en door niemand gewilde tweedeling in de maatschappij. Het falen en de machteloosheid van de generatie machthebbers is voelbaar. De oplossingen die deze generatie tientallen jaren heeft bepleit, ingevoerd en aangehangen werken niet meer.

…de generatie tieners en twintigers van nu is even
ambitieus en hemelbestormend als wij in de jaren `60…

Waar hebben wij dat meer gehoord? Klinkt dat niet bekend? Is dat niet dezelfde hartenkreet als die waar de bastions van de macht in de jaren `60 mee werden bestormd?
De generatie tieners en twintigers van nu is even ambitieus, hemelbestormend, energiek en flink als wij in de jaren `60. Dat geeft alle reden voor hoop. Maar bovendien zijn zij evenwichtiger dan wij waren. Niet vastgeroest in een zuil, niet in het bipolaire Koude Oorlog links-rechts denken. Open en flexibel. Gewend om overal en altijd hun informatie, hun amusement, hun inspiratie vandaan te halen.

…ik zou liever nú jong zijn…

Ik zou liever nu jong zijn. Gewapend met de middelen van nu de problemen van de wereld te lijf gaan: ik denk dat de generatie die nu jong is een betere kans heeft dan wij, achteraf gezien, dertig jaar geleden hadden. Deze mensen staan dichterbij de realiteit. Met hun snelle, wendbare geest zullen zij voor ons de kastanjes uit het vuur moeten halen, de problemen van de wereld van nu moeten aanpakken. Tot zij op hun beurt door de generatie van hún kinderen terzijde worden geschoven.

Jan Quist is oprichter van QUIST.